Roteer je mobiel of vergroot je venster voor optimaal gebruik van deze website.

De maskersmelter die haar eigen masker draagt

Een persoonlijke zoektocht naar authenticiteit, schaduwwerk en de kracht van grenzen stellen - van verbinding als masker naar mens zijn.

Door

Sofie Kemps

Interview

Human skills

Menselijkheid

Sofie Kemps schrijft openhartig over authenticiteit, Carl Jung, schaduwwerk en leiderschap. Over aanpassen, grenzen stellen en de moed om ook je rauwe kanten toe te laten.

Ik geloof dat ik me heel goed kan aanpassen aan mijn omgeving. Ik kan het met iedereen goed vinden, nou ja – bijna iedereen, blend makkelijk in en geef mensen het gevoel dat ze zichzelf mogen zijn. Want alles mag er zijn. Jij mag er zijn. Je bent prachtig om wie je bent. Ben maar uniek. Bloei maar op de manier zoals jij wil bloeien. Laten we alsjeblieft geen veld vol identieke tulpen in strakke rijen zijn. Want dat is saai.

‘Pas als je je schaduw aankijkt, word je echt zichtbaar.’

Show your true colors

Ik geloof hier zo heilig in. En ik besef me meer en meer dat het ook een enorm verlangen van mezelf is. Omdat ik dit zelf bizar lastig vind.

Mensen die me kennen zullen zeggen: ‘huh? Jij bent toch hartstikke authentiek?’ In de wijze waarop ik me kleed misschien, ja. Een bij elkaar geraapte collectie tweedehands items, geïnspireerd door de laatste trends van Vogue. Authentiek misschien, maar zeker niet door mezelf bedacht. Ook kan ik met originele, grappige opmerkingen uit de hoek komen. Woorden die als parels uit mijn mond rollen. Woorden die zorgen voor verbinding. Wat ik me door de jaren heen eigen heb gemaakt als een Japanse origami kunstenaar. Zo zit het gebakken in mijn systeem.

Dit zijn allemaal zichtbare kanten. Kanten die mensen zien en waardoor ze me denken te kennen. Waardoor ik zelf dacht dat ik me goed kende. Totdat ik ontdekte dat er een kant in mij verstopt zit die staat te popelen om in het licht te worden gezet. Een kant die ooit zorgvuldig opzij werd gezet.

“Nee, jou hoeven we niet te zien. Ga daar maar staan, uit het zicht; in de coulissen. Nog iets verder. Daar, ja."

Ik weet niet eens zo goed hoe deze kant precies heet. Maar ik voel woorden omhoogstuwen die beschrijven wat ze wil. Als een modderstroom die met volle vaart uit de aarde spuit. Schoppen. Slaan. Keihard terugvechten. Grenzen aangeven. “Neeee doe het lekker zelf!” schreeuwen. Keiharde dikke vette strepen zetten. Een dikke middelvinger opsteken. Een loopgraaf om me heen bouwen, tot hier en niet verder, en mensen erin laten tuimelen terwijl ze naar me toelopen.

Ja, dit is echt wat er in me opkomt. Niet zo mooi, hè.

Er zit een kant in mij die donker en rauw is. Het totale tegenovergestelde van wie ik ben in het dagelijks leven, al 38 jaar lang. Hoewel ik deze kant toen ik klein was vast heb gekend. Eventjes maar, totdat die zorgvuldig in de coulissen werd gezet. Waarschijnlijk door een van mijn ouders. Met, in hun optiek, bijzonder goede redenen.

De schaduwkant

De schaduwkant is een kant die net zo goed bij mij hoort als de zonzijde. Beide kanten horen bij een mens. Bij wie zij zijn, hun identiteit. Mijn identiteit. Mijn authentieke zelf. De zonzijde is sterk ontwikkeld: de verbinder, de warme, de maskersmelter. Jaren geleden gaf een coach me die omschrijving. Omdat ik anderen zo goed kan helpen hun masker te laten smelten. Ironisch genoeg is dit precies hetgeen ikzelf te doen heb.

Wie ben je zonder het masker dat je beschermt?

De Zwitserse psychiater Carl Jung noemde dit de schaduw: alle stukjes van onszelf die afgewezen en onderdrukt zijn: emoties, verlangens, impulsen, angsten. Die schaduw begint zich vroeg te ontwikkelen. Vanaf onze kindertijd leren we wat ‘lief’ en ‘acceptabel’ is. Alles wat daar niet in past, duwen we weg om erbij te horen. Maar wegduwen betekent niet verdwijnen. Zolang je je schaduw niet toelaat, regeert ze op sluwe, onverwachte manieren in je relaties, je werk, je lichaam. Jung beschreef hoe dat kan uitmonden in burn-out, (relatie)crises en andere breukpunten die je dwingen eerlijk te worden.

En daar zit nu juist de paradox. Want het aankijken van die onderdrukte kant brengt je dichter bij je talenten. Jung zei het zelf: “The shadow is ninety percent pure gold.” De schaduw bevat ook creativiteit, kracht en authenticiteit. Wie haar integreert, wordt completer. Verbinder zijn is mooi. Maar een verbinder die ook grenzen kan stellen, die ‘nee’ kan zeggen en kan terugbijten als dat nodig is. Dat is pas echte kracht.

Schaduwwerk is geen eenmalige therapie- of coachingsessie. Het is een levenslange reis.

En waarom ik die reis maak, ook op mijn werk

Hoe kan ik anderen helpen hun masker te laten smelten, als ik mijn eigen masker angstvallig op zijn plek houd?

Die vraag raakt me in de eerste plaats als mens, maar ook als professional. Want wat ik zie in organisaties is precies hetzelfde als wat ik in mezelf herken: mensen die zich aanpassen, inblijven, wegduwen wat niet ‘hoort’. Medewerkers die hun schaduwkant netjes in de coulissen parkeren zodra ze door de kantoordeuren lopen. Leidinggevenden die verbinden en faciliteren, maar nooit eens een keiharde grens trekken. Of juist andersom: leiders die alleen maar sturen en controleren, terwijl de mens in hen ergens in de coulissen staat te wachten.

Echt leiderschap, menselijk leiderschap, vraagt om het geheel. De zon én de schaduw. De warmte én de tanden. De verbinder die ook kan zeggen: tot hier en niet verder. Organisaties worden menselijker niet doordat mensen hun schaduwkant verstoppen, maar doordat ze haar durven te kennen. En ja, soms ook durven te laten zien.

De schaduwkant vraagt om aandacht, steeds opnieuw. Ze fluistert, of schreeuwt zelfs, wanneer je haar negeert. En elke keer dat ik haar een beetje meer ruimte geef, voel ik iets losser worden. Iets echter worden. Iets dat ook de mensen om me heen ten goede komt.

Er is geen perfect moment om aan deze zoektocht te beginnen. Geen juiste leeftijd, geen ideale omstandigheid. Het goede moment is nu. Of zodra je dit leest en iets in je buik beweegt.

Want misschien herken je iets van wat ik beschrijf. Misschien staat er bij jou ook een kant te wachten in de coulissen. Op het werk, thuis, of ergens daartussenin.

Laat het maar komen.