Roteer je mobiel of vergroot je venster voor optimaal gebruik van deze website.
Titel van formulier
Ondertitel van formulier
De kracht van nieuw leiderschap in de Zorg.
Door
Annemiek Verweij
Case
Artikel
Inspiratie
Interview
Human skills
Generaties


Hoe geef je leiding als je gisteren nog collega was? In een complexe zorgomgeving waar veel gevraagd wordt, is het cruciaal dat leiders zich gezien, gesteund en goed voorbereid voelen. Dit ziekenhuis koos daarom voor een vaak onderschatte maar essentiële stap richting excellente zorg: investeren in persoonlijk leiderschap.
“Eén teamleider die tachtig tot honderd verpleegkundigen aanstuurt – dat werkte gewoon niet meer,” vertelt Annemiek Verweij, managing consultant bij KSG. “Het zorgde voor afstand, overbelasting en een gebrek aan persoonlijke aandacht.”
Het ziekenhuis streeft naar excellente zorg – en dat kan alleen als verpleegkundigen zich gezien en gehoord voelen én er ruimte is voorontwikkeling en werkgeluk. Om dat te bereiken, werd opgeschaald naar negentien nieuwe teamleiders: stuk voor stuk verpleegkundigen die al in het ziekenhuis werkten. Met die stap ontstond echter ook een nieuwe uitdaging: hoe geef je leiding zonder ervaring? En hoe vind je je plek als je gisteren nog collega was?

“De teamleiders stonden aan het begin van hun leiderschapsreis: ze waren gemotiveerd en betrokken, maar nog onervaren in hun rol.” Daarom startte Annemiek het leiderschapsprogramma gericht op zelfinzicht en ontwikkeling. “Het begon met een tweedaagse reflectie op het eigen levensverhaal, gevolgd doortrainingen in gespreksvoering, het aansturen van je medewerkers, teamontwikkeling en zicht op organisatie – alles met intervisie en individuele coaching als rode draad door het geheel.”
Juist als je stopt met alles zelf te doen, ontstaat er ruimte voor je team.
Een belangrijk onderdeel van het leiderschapsprogramma was het werken met drivers uit de Transactionele Analyse – onbewuste innerlijke overtuigingen die vaak al in onze kindertijd zijn ontstaan. “Denk aan ‘wees sterk’ of ‘doe het perfect’.” Deze patronen bepalen hoe teamleiders hun rol invullen. De neiging om altijd door te gaan of controle willen houden, maakt het lastig om te delegeren of grenzen te stellen.
De nadruk lag daarom niet alleen op het ontwikkelen van vaardigheden, maar vooral op het onderzoeken van wat daaronder ligt. “Pas als je begrijpt wat je tegenhoudt, kun je ander gedrag ontwikkelen. Veel deelnemers vonden het spannend om confronterende gesprekken te voeren – ze wilden graag aardig gevonden worden. Dan helpt het om stil te staan bij de vraag: waar komt dat vandaan?”
Door dat bewustzijn te creëren én in een veilige setting te oefenen, ontstond groei. De combinatie van reflectie, praktijkoefening en het delen van ervaringen tijdens intervisiebijeenkomsten zorgde voor een vliegwieleffect in hun ontwikkeling als leider.

Leiderschap staat nooit op zichzelf – het vraagt beweging in de hele organisatie. Daarom werden ook de directie en het management actief betrokken.Tijdens dialoogsessies spraken teamleiders en managers met elkaar over wederzijdse verwachtingen.
Teamleiders worstelden met vragen als: “Wie ben ik als leider?” of “Mag ik mezelf blijven?” Eerst hadden de meesten een zoekende houding, al snel veranderde dat naar een meer stevige houding: niet meer ‘één van het team’, maar leider ván het team. Tegelijkertijd moesten ook managers hun rol herdefiniëren en soms loslaten, wat ook bij hen tot onzekerheid leidde. Juist in deze fase ontstond er volgens Annemiek ‘storming’ – spanning, herpositionering en soms wrijving.
“Door het leiderschapstraject te combineren met teambegeleiding en sessies op verschillende niveaus – tussen teamleiders, managers én de directie – werd stap voor stap de basis gelegd om de samenwerking te herzien en te versterken.Leiderschap werd daarmee geen individuele taak meer, maar een gedeelde verantwoordelijkheid binnen het hele systeem.”
De impact van het programma is inmiddels voelbaar in de organisatie. Waar eerst drie teamleiders verantwoordelijk waren voor honderden medewerkers, is de aandacht nu verdeeld over negentien teamleiders, die ieder verantwoordelijk zijn voor een kleiner team. Dat brengt rust, overzicht en ruimte voor persoonlijke aandacht.
“Ik merk dat ik mijn kwetsbaarheid mag tonen. En dat het iets oplevert,”zei een van de teamleiders na het eerste jaar. Annemiek: “Dat ze die stap naar kwetsbaarheid durfde te zetten – dat ís leiderschap. Ook de directie was zichtbaar geraakt. De directeur zei: ik ben trots op wat ik zie. Een hele groep teamleiders die weten wie ze zijn, wat ze doen, en waar ze voor staan.”
Leiderschap begint bij jezelf, maar werkt door in de levens van anderen.
Natuurlijk blijft het werk intensief. Verpleegkundigen vragen én verdienen aandacht. De uitdaging blijft om de balans te vinden tussen korte termijn en strategisch leiderschap. Maar de basis is gelegd. En dat maakt het verschil.
Volgens Annemiek is één ding duidelijk: zorgprofessionals zijn vaak buitengewoon dienstbaar. “Maar leidinggeven vraagt iets extra’s: grenzen stellen, tijd nemen voor reflectie en ruimte creëren – voor jezelf én vooranderen. Het is geen taak die je erbij doet – het vormt de kern van goed werk. ”Als leiderschap klopt, merk je dat op alle niveaus: in het team, de organisatie én aan het bed.
Wil je meer weten over hoe persoonlijk leiderschap ook binnen jouw organisatie het verschil kan maken? Neem contact met ons op of bekijk ons aanbod.